Studiekosten

Studeren brengt kosten met zich mee. Hieronder vind je een overzicht van de studiekosten die je kan verwachten.
Met vragen kan je steeds terecht bij de sociale dienst/studentenvoorzieningen van je onderwijsinstelling.

Studiegeld 2019-2020
Het studiegeld is afhankelijk van je beursstatuut, het type contract dat je afsluit, het aantal studiepunten dat je opneemt en de opleiding waarvoor je inschrijft.

Voor een inschrijving van 60 studiepunten met diploma– of creditcontract:

  • beurstarief = € 110,80 (ongeacht het aantal studiepunten);
  • bijna-beurstarief = € 494,80 (€ 242,80 vast bedrag + € 4,20/opgenomen studiepunt);
  • niet-beurstarief = € 938,80 (€ 242,80 vast bedrag + € 11,60/opgenomen studiepunt).

Voor een examencontract en een aantal specifieke opleidingen (bv. ManaMa, postgraduaat) gelden er andere tarieven.
Meer informatie bij de studentenadministratie van je onderwijsinstelling.

Studiemateriaal
De kostprijs voor boeken en cursussen varieert sterk naargelang je opleiding. Er kunnen specifieke kosten zijn voor bv. beroepskledij, een studiereis, een stage, …
Vraag na wat de specifieke kosten zijn bij je faculteit, departement of de opleiding van je onderwijsinstelling. Voorzie ook een budget voor algemeen studiemateriaal zoals papier, schrijfgerief, printkosten, …

Computer
Afhankelijk van je opleiding kan de prijscategorie verschillen omwille van eventuele specifieke programma’s die geïnstalleerd moeten worden.
Informeer je bij je onderwijsinstelling als je een laptop wil aankopen.

Vervoer
Er zijn voordelige studentenformules, afhankelijk van je traject en van het aantal verplaatsingen per week, voor de trein, bus of tram (NMBS, De Lijn en MIVB). Voor kotstudenten is een campuskaart van de NMBS aangewezen. Voor studenten die dagelijks de trein nemen, is er de schooltreinkaart.
Als je pendelt met de bus of de tram van De Lijn kan je aan een Buzzy Pazz gebruiken. Vanaf 25 jaar kan je een Omnipas aankopen.
In de meeste studentensteden kan je aan studentvriendelijke prijzen een fiets huren.

Huisvesting
Je hebt de keuze uit een kamer, studio of appartement. Je huurt meestal voor 10, 11 of 12 maanden en betaalt een all-in prijs of een basishuurprijs aangevuld met een forfaitair bedrag voor bijkomende kosten (elektriciteit, gas, water, internet, …).
Huurprijzen kunnen regionaal sterk verschillen. Sommige onderwijsinstellingen bieden (vaak goedkoper) huisvesting in eigen beheer aan.

Om een duidelijk overzicht te maken van je studiekosten per academiejaar, kan je de tabel met studiekosten gebruiken.